Een woord dat we vaak gebruiken, maar waarvan de betekenis voor veel mensen nog onduidelijk is.
Wat is dat dan trauma?
Veel mensen denken dat trauma gaat over de gebeurtenis zelf: het ongeluk, het verlies, de klap, de woorden die te hard binnenkwamen.
Maar trauma is niet wat er mét je gebeurt — het is wat er ín je gebeurt als gevolg van wat je hebt meegemaakt (Gabor Maté).
Trauma ontstaat wanneer iets te snel, te veel of te overweldigend was voor je systeem om te verwerken. Je lichaam en zenuwstelsel schakelen dan over op overleven. Dat is geen keuze, maar een automatische reactie. Je lichaam probeert je te beschermen.
Misschien herken je dat je sneller schrikt, dat je lichaam gespannen voelt, dat je slecht slaapt of dat je emoties soms onverwacht hoog oplopen. Misschien voel je je vaak moe, leeg of overprikkeld. Of misschien heb je juist geleerd om niets meer te voelen — omdat voelen ooit te pijnlijk was.
Dit zijn geen karaktertrekken.
Dit zijn geen zwakheden.
Dit zijn reacties van een lichaam dat ooit te veel heeft moeten dragen.
Trauma kan ontstaan door grote gebeurtenissen, maar ook door langdurige stress, emotionele verwaarlozing, pesten, onveiligheid in je jeugd of situaties waarin je je alleen voelde met wat je meemaakte. Het gaat niet om de grootte van de gebeurtenis, maar om de impact op jouw binnenwereld.
In mijn praktijk zie ik vaak dat mensen jarenlang hebben geprobeerd “sterk” te zijn.
Ze zijn doorgegaan, hebben gezorgd, gewerkt, gefunctioneerd.
Maar ergens onderweg is hun lichaam blijven hangen in een staat van alertheid.
Alsof het nog steeds gevaar verwacht.
Het mooie is: het lichaam kan ook weer leren dat het veilig is.
Dat begint met vertragen.
Met luisteren.
Met erkennen wat je hebt meegemaakt — en wat je lichaam nog steeds vertelt.
Trauma is geen levenslange veroordeling.
Het is een uitnodiging om jezelf opnieuw te ontmoeten.
Met zachtheid.
Met ruimte.
Met begeleiding als dat nodig is.
Als je jezelf herkent in deze woorden, weet dan dat je welkom bent.
